Hogewoerd 59-61 in het verleden / Het buurpand Hogewoerd 57
Hogewoerd 57 bewoond door Kraane
Op de pagina over Jan Samuel Timmerman Thijssen werd al vermeld dat hij in 1802 en 1803 niet alleen de drie wijnkoperij-panden had gekocht, maar ook het buurpand, het latere Hogewoerd 57. Het was een imposant pand dat in het verleden bekend stond als ’t Stadthuys van Antwerpen. Timmerman Thijssen woonde er zelf.
Na de verkoop in 1804 van de vier panden aan het driemanschap Kraane c.s. ging Kraane in het latere Hogewoerd 57 wonen. In 1812 verkochten Gerlings en De Mey van Streefkerk hun aandelen in dat huis aan Kraane. Daarbij behoorden inmiddels ook 22 kleinere huizen in het bouwblok Hogewoerd – Koenesteeg – Levendaal – Krauwelsteeg. Kraane liet een groot deel van die kleine en waarschijnlijk bouwvallige huizen slopen, zodat zijn huis een riante tuin kreeg.

De uitsnede uit de in 1832 vastgestelde kadastrale kaart laat de toenmalige situatie zien. De wijnkoperij had het perceelnummer 421. Het latere Hogewoerd 57 links daarvan had het nummer 418. Dat is te zien aan de stippellijn vanuit de grote tuin.
Verkopen in de jaren 1833-1836
In 1833 werd de wijnkoperij door Kraane en De Mey verkocht aan Johannes Zandvliet (zie hier). Onder de advertenties in de Leydse Courant van 18 december 1833 waarin die verkoop bekendgemaakt werd stond ook een advertentie waarin het huis van Kraane te koop werd aangeboden:

Hoogstwaarschijnlijk was Kraane toen al ziekelijk: hij overleed vier maanden later, op 26 april 1834. Het huis werd uiteindelijk pas in februari 1836 door de erfgenamen van Kraane verkocht. De koper was Wilhem Cecilius Baert. Die was net als Kraane een vooraanstaande inwoner van Leiden. Hij was onder andere compagnon in een zeepziedersfirma en was jarenlang lid van de stedelijke raad.
Enkele maanden later kwam het tot een ruil tussen Zandvliet en zijn nieuwe buurman Baert. In de tijd waarin de panden aan de Hogewoerd in één hand waren, was kennelijk een kamer op de eerste verdieping boven de wijnkoperij via een doorbraak bij het latere Hogewoerd 57 getrokken. Het moet gaan om de achterste kamer op de eerste verdieping van Hogewoerd 59. Baert was dus ook eigenaar van die kamer. Hij stond de kamer af aan Zandvliet in ruil voor een groot deel van de tuin van Zandvliet aan de Koenesteeg.

Op het bovenstaande plaatje zijn de veranderingen met kleuren aangegeven. Bij de wijnkoperij bleef maar een klein stukje tuin over: het deel boven de blauwe lijn. De tuinmuur waarover toen een afspraak werd gemaakt staat er nog steeds. Het stuk tuin dat Baert erbij kreeg met is met groen aangegeven en de plaats van de door Baert aan Zandvliet afgestane bovenkamer met grijs.
Een klooster
Het grote huis Hogewoerd 57 en de grote tuin daarachter werden in 1871 gekocht door de katholieke stichting ‘Voorzienigheid’, die er een school voor arme meisjes vestigde. Later werd ook Hogewoerd 55 erbij getrokken en groeide het pand uit tot een klooster van de Zusters van de Goddelijke Voorzienigheid, ook wel aangeduid als de Blauwe Zusters. Het klooster strekte zich uit tot aan de Koenesteeg. Daardoor grensde de wijnkoperij zowel aan de zijkant als aan de achterkant aan het klooster.
Hieronder twee van de zeldzame foto’s waarop Hogewoerd 57 te zien is.

Deze foto, die afkomstig is van een prijscourant van de firma Maat uit 1905, is voor zover bekend de enige foto waarop het oude Hogewoerd 57 goed te zien is. Duidelijk is hoe hoog het pand was in vergelijking met de wijnkoperij.

Deze foto is van Herman Kleibrink uit 1961, kort na het verdwijnen van de tramrails uit de Hogewoerd. De foto laat zien dat Hogewoerd 55 en 57 inmiddels ingrijpend verbouwd waren en een gemeenschappelijke gevel hadden gekregen.
In 1963 verlieten de laatste zusters het klooster. Meer daarover staat in een artikel uit de Leidse Courant van 22 juli 1963.
Andere bestemmingen en sloop
Het gebouw werd daarna gebruikt door de Barbaraschool aan het Levendaal, die er extra lokalen in gebruik nam, en door het jongerencentrum Troef. Later werd het voormalige klooster gekocht door een projectontwikkelaar. Uit een artikel in het Leidsch Dagblad van 4 april 1979 blijkt dat het toen in erg slechte staat was. De gemeente Leiden kocht het in 1982.
Het overgrote deel van het blok Hogewoerd-Koenesteeg-Levendaal-Sint Jorissteeg werd gesloopt en er kwam nieuwbouw in een stijl waar we nu niet voor zouden kiezen. Hieronder twee foto’s van het sloopterrein uit de jaren 80.

Van de wijnkoperij zijn de kappen van Hogewoerd 59 en 61 en het achterste deel van Hogewoerd 59 zichtbaar.
